De Knecht des Heren (65) – Jezus Christus, de wijsheid Gods (4)

De gelovigen zijn kinderen der wijsheid In Lukas 7 zien we hoe de discipelen van Johannes de Doper de Here Jezus vragen of Hij de beloofde Messias is. In Zijn antwoord wijst de Here op alle dingen die door Zijn handen plaatsvinden: blinden worden ziende, lammen wandelen, melaatsen worden gereinigd en armen ontvangen het evangelie. Volgens Jesaja tekenen van de aanwezigheid van de Messias. Daarna spreekt Hij tot de mensen over het werk van Johannes de Doper. Dat was Gods werk, want Johannes was de bode die voor de komende Messias is uitgegaan en de weg voor Hem heeft bereid.…

De Knecht des Heren (64) – Jezus Christus, de wijsheid Gods (3)

De Wijsheid in de schepping We hebben al gezien hoe het Woord, de Zoon van God, de Wijsheid Gods van alle eeuwigheden af aanwezig was. Hij was aanwezig bij de schepping – sterker nog, God heeft door Hem de wereld geschapen. (…) door Wie Hij ook de werelden gemaakt heeft. (Hebreeën 1:2) In de hieronder weergegeven verzen vinden we enkele andere aspecten. 30 Toen was ik een troetelkind bij Hem, ik was een en al verrukking dag aan dag, te allen tijde mij verheugend voor zijn aangezicht, 31 Mij verheugend in de wereld van zijn aardrijk, en mijn vreugde was…

De Knecht des Heren (63) – Jezus Christus, de wijsheid Gods (2)

Christus, de tweede Persoon van de Godheid, wordt in het Oude Testament de wijsheid Gods genoemd. We komen deze waarheid in het Nieuwe Testament weer tegen. Het is Paulus die de wijsheid Gods in verband brengt met het evangelie. (…) voor hen, die geroepen zijn, Joden zowel als Grieken, (prediken wij) Christus, de kracht Gods en de wijsheid Gods. (1 Korinte 1:24) In vers 23 constateert hij dat een gekruisigde Christus voor Joden een ergernis is, en voor de Grieken een dwaasheid. Maar voor de gelovigen ligt dat totaal anders. Uit het feit dat dankzij de kruisdood van Christus de…

De Knecht des Heren (62) – Jezus Christus, de wijsheid Gods (1)

Trinitas De Goddelijke Drie-eenheid heeft altijd bestaan, en zal altijd blijven bestaan. Van (de voorbije) eeuwigheid tot (de toekomende) eeuwigheid. We onderscheiden drie Personen in de Drie-eenheid: Vader, Zoon en Heilige Geest. Dit alles gaat ons begrip verre te boven en ook het eeuwige van hun bestaan kunnen we niet begrijpen. Gelukkig hoeft dat ook niet, van ons wordt slechts geloof verwacht. Het geloof nu is de zekerheid der dingen, die men hoopt, en het bewijs der dingen, die men niet ziet. (Hebreeën 11:1) De Bijbel leert duidelijk dat we moeten spreken over God de Vader, God de Zoon en…

De Knecht des Heren (61) – Het fundament

De belijdenis van Petrus Na de Here Jezus als de rots en de hoeksteen bespreken we kort het beeld van het fundament.  We nemen voor dat doel twee belangrijke tekstgedeelten uit het Nieuwe Testament. Beide gedeelten spreken over Christus als het fundament. In Mattheus spreekt de Here Jezus hier Zelf over, echter zonder het woord fundament te gebruiken. De aanleiding tot deze uitspraak is de zogenoemde belijdenis van Petrus. De Here Jezus vraagt wie de mensen zeggen dat Hij is. Er komen allerlei antwoorden. Dan vraagt de Here de discipelen wat hun geloof is. Petrus zegt: ‘Gij zijt de Christus,…

De Knecht des Heren (60) – De rots, de levende steen en het fundament (2)

De levende steen We zijn bezig met het thema Jezus Christus als de rots, de levende steen en het fundament. In dit artikel ‘de steen’. Petrus schrijft in zijn eerste brief over ‘de levende steen’. En komt tot Hem, de levende steen, door de mensen wel verworpen, maar bij God uitverkoren en kostbaar, (1 Petrus 2:4) De steen is levend, omdat Hij opgestaan is uit de dood en leven geeft. De mensen wilden Hem niet, ze verwierpen Hem. Maar de verwerping was gelijktijdig de manier waarop de Here Jezus de weg naar de Vader opende. Dat kon Hij omdat Hij…

De Knecht des Heren (59) – De rots, de levende steen en het fundament (1)

De Rots Een van de meest geciteerde Bijbelse aanhalingen aangaande Christus als ‘de Rots’ vinden we in de eerste Korintebrief. (…) allen dezelfde geestelijke drank dronken, want zij dronken uit een geestelijke rots, welke met hen medeging, en die rots was de Christus. (1 Korinte 10:4) Deze ene zin bergt een schat aan geestelijke rijkdommen in zich. In het (derde) vers voorafgaand aan dit vierde lezen we al over ‘geestelijke spijs’. (…) allen hetzelfde geestelijke voedsel aten, (1 Korinte 10:3) Nu, in het vierde vers, schrijft Paulus over ‘geestelijke drank’. Water uit een rots is een wonder. In de beschrijving…

De Knecht des Heren (58) – Het hemels koren (4)

De laatste zin van het vorige artikel luidde: ‘Hemels koren’? ‘Schatten in de hemel!’ In deze laatste inbreng over ‘hemels koren’ wil ik hetzelfde thema nogmaals aanroeren, alleen vanuit een iets andere invalshoek. In het laatste Bijbelboek lezen we over de kenmerken van het nieuwe Jeruzalem. 3 En niets vervloekts zal er meer zijn. En de troon van God en van het Lam zal daarin zijn en zijn dienstknechten zullen Hem vereren, 4 en zij zullen zijn aangezicht zien en zijn naam zal op hun voorhoofden zijn 5 En er zal geen nacht meer zijn en zij hebben geen licht…

De Knecht des Heren (57) – Het hemels koren (3)

Toekomst In het vorige artikel bleek dat veel van wat bij onze toekomstige positie en de daaraan verbonden zegeningen hoort, ons in principe al gegeven is. In dat opzicht lopen heden en toekomst in elkaar over. Deze keer iets over wat nog moet komen. We nemen een tekst uit Romeinen als uitgangspunt. Want die Hij tevoren gekend heeft, heeft Hij ook tevoren bestemd tot gelijkvormigheid aan het beeld zijns Zoons, opdat Hij de eerstgeborene zou zijn onder vele broederen; (Romeinen 8:29) In deze tekst komen twee zaken aan de orde, te weten de gelijkvormigheid van de gelovigen aan het beeld…

De Knecht des Heren (56) – Het hemels koren (2)

Cadeaus ‘Hemels koren’ kunnen we rangschikken onder de noemer nu al, of onder nog niet, maar straks wel. De categorie nu al betreft zegeningen die ons tijdens dit leven gegeven worden. Het is heel belangrijk daar kennis van te nemen. Het is als met de in armoede levende keuterboer, die geen weet heeft van de grote erfenis die een oudoom hem heeft nagelaten. Hij is schatrijk, maar leeft armoedig omdat hij zich zijn erfenis niet toe-eigent. Maar hoe zou hij dat kunnen als hij niet eens weet een erfenis te hebben gekregen? Hoe zal de gelovige genieten van alles wat…