Het boek van God

De Bijbel is Gods Woord gegeven aan de mensheid. Dit boek is voor iedereen van immens belang. Het geeft ons inzicht in oorsprong, bestaan en toekomst van de mens, van de gehele schepping. Daarenboven is de Bijbel een onuitputtelijke Bron van geestelijke lessen, die de gelovige nodig heeft op zijn aardse reis. Maar, ook al is de Bijbel aan de gehele mensheid gegeven, niet alles in dit boek is bestemd voor iedereen. Evenmin gaat het over iedereen. 

De Bijbel maakt onderscheid tussen drie groepen mensen, die elk hun eigen plaats in de raadsbesluiten, de plannen van God in nemen. 

Geef geen aanstoot, niet aan de Joden (1) en de Grieken (2), en ook niet aan de gemeente van God (3) (1 Korinthe 10:32) 

Wanneer wij alle beloften, profetieën en verantwoordelijkheden zonder meer toepassen op alle mensen verliezen wij Gods’ orde en Zijn heilsplan uit het oog. Wanneer wij niet duidelijk onderscheid maken tussen bepaalde zaken en grootheden in de Bijbel, raken wij hopeloos in de war wanneer wij het Woord van de Here God willen verklaren. Er is een opvallend contrast te zien tussen Israël en de  Gemeente. Het verschil betreft o.a. de belofte (1), de dienst (2), de roeping (3)  en de toekomst (4).

1 Israël of de Gemeente: Belofte

Als eerste vinden wij een tegenstelling in de tweevoudige belofte aan Abraham, wij lezen in het Woord van een aards en een hemels zaad. 

2 Israël of de Gemeente: Roeping

De tegenstelling tussen de roeping van Israël en de  Gemeente is heel duidelijk. Israël is geroepen tot een aardse erfenis en de Gemeente tot een hemelse. Geloof en gehoorzaamheid van Israël werden beloond met  aardse grootheid, zegeningen en macht. Als de Gemeente getrouw is zal ze  hemelse rijkdom ontvangen en op aarde vervolging, armoede en haat. 

3 Israël of de Gemeente: Plaats van aanbidding            

Israël kon en mocht maar op één plaats aanbidden. Het was zelfs zo dat Israël de Here God alleen maar kon benaderen door middel van de dienst van een priester. 

De gemeente aanbidt, waar twee of drie vergaderd zijn. De gemeente heeft de vrijmoedigheid het heilige der heiligen binnen te gaan want al haar leden zijn priesters. 

4 Israël of de Gemeente: Profetieën

In de profetieën over de toekomst van Israël en de Gemeente worden de verschillen wel héél duidelijk gezien. De Gemeente zal van de aarde worden weggenomen en Israël zal grote (herstelde) aardse macht en heerlijkheid ontvangen. 

Dr. C.I.Scofield

Daarom zal iedereen zich bij het lezen van de Bijbel moeten afvragen of ‘dit’ gedeelte over Israël gaat, over de Gemeente of over de niet-gelovige mensheid. Zonder oog voor dit onderscheid wordt elke Bijbeluitleg een rommeltje. Het laat zich vergelijken met de tegenstelling schepping of evolutie. Het maakt een enorm verschil als je een vondst met creationistische dan wel evolutionistische blik onderzoekt. Veel vondsten worden gedateerd aan de hand van de aardlaag waarin het aangetroffen werd. De evolutionist zal zeggen: ‘Dit bot is gevonden in deze krijtlaag, daarom is het minstens 50 miljoen jaar oud’. De creationist zal zeggen: ‘Dit bot is gevonden in deze krijtlaag, en aangezien de aardlagen tijdens de zondvloed zijn ontstaan zal het hoogstens 10-duizend jaar oud zijn.’ We weten dat deze beide zienswijzen op geen enkele manier met elkaar in overeenstemming zijn te brengen. Evenmin kunnen Israël, Gemeente en niet-gelovigen over een kam worden geschoren. Ook (juist!) bij de uitleg van het profetisch Woord mogen we dit onderscheid niet negeren.

Tekenen

Wie profetie zegt, denkt onmiddellijk aan ‘teken der tijden’. Nu maakt de Bijbel op verschillende plaatsen melding van tekenen. Wie een compleet overzicht wil, raad ik aan Christipedia te raadplegen (klik hier).

In dit artikel beperk ik me tot die tekenen die ontwijfelbaar wijzen op de werkzaamheid van Gods kracht in combinatie met wat de Schrift ‘tekenen van de tijd’ noemt. Toch eerst een paar korte opmerkingen over tekenen in het algemeen.

Tekenen anders dan profetisch geladen

Tekenen worden dus vaak in verband gebracht met het profetisch woord. De Bijbelse toepassing is echter ruimer. Zo lezen we aan het eind van Markus dat de Here Jezus zijn discipelen de wereld inzendt om het Evangelie te prediken. Hun werkterrein is de gehele wereld, hun gehoor bestaat uit alle mensen.

15 En Hij zei tegen hen: Ga heen in heel de wereld, predik het Evangelie aan alle schepselen.

16 Wie geloofd zal hebben en gedoopt zal zijn, zal zalig worden, maar wie niet geloofd zal hebben, zal verdoemd worden.

17 En hen die geloofd zullen hebben, zullen deze tekenen volgen: in Mijn Naam zullen zij demonen uitdrijven; in vreemde talen zullen zij spreken;

18 slangen zullen zij oppakken; en als zij iets dodelijks zullen drinken, zal het hen beslist niet schaden; op zieken zullen zij de handen leggen en zij zullen gezond worden. (Markus 16:15-18)

Uit dit omvangrijke gehoor – dat zijn alle niet-gelovigen van over de gehele wereld – zullen er zijn die zich bekeren. Als door deze (nieuwe) gelovigen het evangelie wordt geleefd en verkondigd, zullen tekenen hen vergezellen en het evangelie bevestigen. Dat slaat uiteraard allereerst op de discipelen, maar ook op hen die door hun Woord in de Here Jezus zullen gaan geloven, dat evangelie voorleven en op hun beurt verkondigen.

Zo is het gegaan, en zo gaat het nog steeds. Hieronder twee voorbeelden uit het boek Handelingen en eentje uit Hebreeën. Let op de woordkeus: ‘De Here gaf getuigenis door tekenen en wonderen’ en ‘God deed buitengewone krachten’.

Zij (Paulus en Barnabas) verbleven daar (Ikonium) dan lange tijd en spraken vrijmoedig, in vertrouwen op de Heere, Die getuigenis gaf aan het Woord van Zijn genade en tekenen en wonderen door hun hand liet gebeuren. (Handelingen 14:3)

En God deed buitengewone krachten door de handen van Paulus (Handelingen 19:11)

God heeft er bovendien mede getuigenis aan gegeven door tekenen, wonderen en allerlei krachten, en gaven van de Heilige Geest, overeenkomstig Zijn wil. (Hebreeën 2:4)

Deze tekenen gebeuren om de toehoorders ervan te verzekeren dat het gesproken Woord inderdaad Gods Woord is. Het is als met de Here Jezus Zelf, van Wie men opmerkelijke dingen zei.

De dienaars antwoordden: Nooit heeft een mens zo gesproken als deze Mens. (Johannes 7:46)

En velen uit de menigte kwamen tot geloof in Hem en zeiden: Wanneer de Christus komt, zal Hij toch niet meer tekenen doen dan Híj gedaan heeft? (Johannes 7:31)

Als Deze niet van God was, zou Hij niets kunnen doen. (Johannes 9:33)

God geeft tekenen opdat de toehoorders ervan overtuigd kunnen zijn dat ze luisteren naar het Woord van God. Ook vandaag de dag nog!

Profetisch geladen tekenen

In eerdere artikelen heb ik al gewezen op twee belangrijke aspecten van tekenen der tijden. 

  1. Ze zijn niet te voorspellen, niet van te voren te berekenen.
  2. Ze manifesteren zich in combinatie met andere tekenen.

Recente voorbeelden als de heisa rondom de bloedmanen en de verzinsels aangaande het sterrenbeeld Maagd, laten zien dat mensen (gelovigen!) zo graag een teken willen zien, dat ze daarbij alle nuchtere redelijkheid uit het oog verliezen. Bedenk daarom het volgende. Als een ‘teken’ (zoals bloedmanen en de samenstand van sterren) tot op de dag nauwkeurig kan worden voorspeld, verliest het zijn functie.  Dan is het geen teken. Pas als iets zich volkomen onverwachts aandient, mag je aannemen dat er iets bijzonders aan de hand is. Om bij het voorbeeld van de bloedmaan te blijven, onverwacht zou zijn, als de eerstvolgende bloedmaan niet rood, maar blauw kleurt. Of als de volgende zich in het geheel niet voordoet, hoewel berekeningen aantonen dat het wel zo had moeten zijn. Enzovoorts.

Om nu zeker te zijn dat de tekenen als echte tekenen worden herkend, heeft God het zo geregeld dat er geen twijfel mogelijk is. Bijvoorbeeld een zonsverduistering, en gelijktijdig een bloedmaan. Een zonsverduistering kan, een bloedmaan ook, maar gelijktijdig kan niet. Als dat toch gebeurt, weten we dat er iets heel bijzonders gebeurt, iets dat ons mensen wat te zeggen heeft, dat iets betekent. Welnu, de aangekondigde tekenen in de Bijbel voldoen aan dat criterium. En God is zeer royaal met gelijktijdigheid, vertelt de Here Jezus ons. Telt u mee?

25 En er zullen tekenen zijn in zon (1), maan (2) en sterren (3), en op de aarde benauwdheid onder de volken, in radeloosheid vanwege het bulderen van zee en golven (4).

26 En het hart van de mensen zal bezwijken van vrees en verwachting van de dingen die de wereld zullen overkomen, want de krachten van de hemelen zullen heftig bewogen worden (5). (Lukas 21:25-26)

Let op het woordje ‘en’ dat uitdrukking geeft aan de gelijktijdigheid. Minstens 5 (!) verschijnselen tegelijkertijd. En niet de geringste. Van de mensen die getuige van dit alles zullen zijn wordt gezegd dat de keel hun dichtknijpt van angst, dat ze radeloos zullen zijn, ja, dat het hun zal zijn alsof ze een hartaanval krijgen. 

Petrus haalt in zijn toespraak op de Eerste Pinksterdag de profeet Joël aan, die vergelijkbare dingen voorzegt.

19 En Ik zal wonderen geven in de hemel boven en tekenen op de aarde beneden: bloed, vuur en rookwalm.

20 De zon zal veranderd worden in duisternis en de maan in bloed, voordat de grote en ontzagwekkende dag van de Heere komt. (Handelingen 2:19-20)

Ook waar het het begin van de weeën betreft, kun je niet spreken van één specifiek gebeuren.  Ook dan noemt de Here Jezus een hele reeks van gebeurtenissen die zich gelijktijdig zullen voordoen. 

6 En u zult horen van oorlogen (1) en geruchten (2) van oorlogen; let op, wordt niet verschrikt, want dit alles moet gebeuren, maar het is nog niet het einde;

7 want volk zal opstaan tegen volk en koninkrijk tegen koninkrijk, en er zullen hongersnoden (3) en aardbevingen (4) zijn in verschillende plaatsen.

8 Dit alles is echter het begin van de weeën. (Mattheus 24:6-8)

Geen half werk dus. De gehele mensheid zal weten dat God van Zich laat horen. Reken maar dat ze die boodschap zullen begrijpen. In Openbaring 6 wordt zelfs letterlijk zo verteld.

15 En de koningen van de aarde, de groten, de rijken, de oversten over duizend, de machtigen en alle slaven en vrije mensen verborgen zich in de grotten en tussen de rotsen in de bergen.

16 En zij zeiden tegen de bergen en de rotsen: Val op ons en verberg ons voor het aangezicht van Hem Die op de troon zit, en voor de toorn van het Lam.

17 Want de grote dag van Zijn toorn is aangebroken en wie kan dan staande blijven? (Openbaring 6:15-17)

Maar, zullen ze de juiste conclusie trekken en met berouw om genade smeken? Helaas, niets van dat alles.

En de overige mensen, die niet door deze plagen werden gedood, bekeerden zich niet (…)(Openbaring 9:20)

Als je dit allemaal zo leest, dan kun je niet anders dan concluderen dat noch Tsjernobyl, noch 9/11, noch de tsunami van 2004, noch de financiële crisis van 2008, noch de huidige pandemie als teken van Christus’ naderende wederkomst kan worden opgevat.

6 U zult horen van oorlogen en geruchten van oorlogen; pas op, word niet verschrikt, want al die dingen moeten gebeuren, maar het is nog niet het einde.

7 Want het ene volk zal tegen het andere volk opstaan, en het ene koninkrijk tegen het andere koninkrijk; en er zullen hongersnoden zijn en besmettelijke ziekten en aardbevingen in verscheidene plaatsen. (Mattheus 24:6-7)

Wat zegt de Here Jezus? ‘Al die dingen moeten gebeuren, maar het is nog niet het einde.’ Ten overvloede nogmaals een voorbeeld.

Wel of geen teken?

Bedenk allereerst dat tekenen der tijden te maken hebben met de komst van het Koninkrijk van God. Centraal in die tekenen is de positie van Israël. Toen de discipelen vroegen naar ‘het teken van Uw komst en van de voleinding van de eeuw’ (Mattheüs 24:3), noemde de Here een aantal gebeurtenissen, waaronder het zich voordoen van hongersnoden. Dus, wat zouden de apostelen doen met deze informatie, als zich daadwerkelijk een hongersnood aandient? Dat kunnen we zelf nagaan. Let op hun reactie als de Heilige Geest een grote hongersnood aankondigt.

26 En het gebeurde dat zij een heel jaar in de gemeente bijeenkwamen en een aanzienlijke menigte leerden en dat de discipelen het eerst in Antiochië christenen werden genoemd.

27 In die dagen nu kwamen er uit Jeruzalem profeten in Antiochië.

28 En een uit hen, genaamd Agabus, stond op en gaf door de Geest te kennen, dat er een grote hongersnood zou komen over het hele aardrijk. Die is ook gekomen onder Claudius.

29 Naardat nu ieder van de discipelen draagkrachtig was, besloten zij dat elk van hen iets zou zenden ten dienste van de broeders die in Judea woonden;

30 wat zij ook deden door het te zenden aan de oudsten, door de hand van Barnabas en Saulus. (Handelingen 11:26-30)

Wat doen ze? Gaat er een gejuich op, omdat een van de gebeurtenissen die de Here Jezus noemde zich zal manifesteren? Is dit het eerste teken? Slaat hun de schrik om het hart? Is Zijn komst nabij? Niets van dat alles. Geen woord. De enige juiste (!) reactie is in beweging komen om medegelovigen te ondersteunen. En dat doen ze. De hongersnood was nog niet eens gekomen, toch ging de collectebus al rond.

In de dertiende eeuw raasde een pestepidemie over de wereld met onvoorstelbaar veel slachtoffers. Eenderde van alle mensen, wordt geschat. Het was een teken, zo dacht men in die tijd. Er gebeurde echter niets. Dus: geen teken. Hetzelfde gebeurde aan het begin van de 20ste eeuw. De Spaanse griep eiste 25-40 miljoen doden. Was dat dan een teken? Blijkbaar niet, want ook toen gebeurde er niets. En dit gaat nu al 2000 jaar zo. Toch zegt de Here Jezus ‘Zie, Ik kom spoedig’ (Openbaring 22:7,12,20). Die ene ramp, die ene grote geïsoleerde gebeurtenis voldoet blijkbaar niet aan het criterium ‘teken van de tijd’.

Profetisch geladen misleiding

We nemen het evangelie van Lukas erbij, hoofdstuk 21. De discipelen werden in de eerste plaats gewaarschuwd voor lieden die zich voor de verwachte Messias zullen uitgeven en het naderende einde prediken op grond van bedrieglijk bewijs.

Hij nu zei: Kijkt u uit dat u niet wordt misleid. Want velen zullen komen onder mijn naam en zeggen: Ik ben het; en: De tijd is nabij gekomen. Gaat hen niet achterna. (Telos)(Lukas 21:8)

Om hen te behoeden voor zulke misleidingen vertelde de Here Jezus Zijn discipelen dat de tekenen van het naderende einde een combinatie van oorlogen, aardbevingen, hongersnoden, plagen zullen zijn, tezamen met verschrikkelijke kosmische rampen. 

10 (…) Volk zal opstaan tegen volk en koninkrijk tegen koninkrijk.

11 En grote aardbevingen en in verschillende plaatsen hongersnoden en pest zullen er zijn, en er zullen vreselijke dingen en grote tekenen van de hemel zijn. (Lukas 21:10-11)

En nu wordt het spannend. Wat moeten we aan met deze woorden van de Here Jezus: ‘velen zullen komen onder mijn naam en zeggen: Ik ben het; en: De tijd is nabij gekomen’. Let op de volgorde in de woorden van onze Heer:

1. Hij begint te spreken over een tijd waarin lieden zullen optreden ‘namens de Here Jezus’, die zich voordoen als de gekomen Messias en verkondigen dat ‘de Dag des Heren’ op aanbreken staat. (Lukas 21:8a)

2. De Here zegt dat die prediking onjuist is, want: ‘Gaat hen niet achterna’. (Lukas 21:8b)

3. Ten slotte zegt Hij dat er pas sprake is van het naderen van de Dag des Heren als je een combinatie van oorlogen, aardbevingen, hongersnoden, plagen en kosmische rampen ziet. (Lukas 21:10b-11)

De Here Jezus geeft hier als het ware een ‘Anti-teken teken’. Het ontbreken van de combinatie van gebeurtenissen is een teken dat  prediking over tekenen der tijden en dergelijke voorbarig en onjuist kan zijn. Die prediking is pas terecht als de combinaties van rampen zoals de Here Jezus die noemt, zich gaan voordoen. En dus: ‘laat je niet meeslepen, ga ze niet achterna!’

Op wie kun je zo’n tekst nu toepassen? Is elke prediker die spreekt over ‘tekenen der tijden’ een misleider? Natuurlijk niet. De misleiding waarover de Here Jezus spreekt heeft te maken met de komst van de antichrist. Die misleidende prediking zal de mensen gereedmaken voor diens komst. En als hij komt, zal men denken dat het de echte Christus is. Niemand zal willen suggereren dat hedendaagse prediking per definitie gericht is om mensen aldus op een dwaalspoor te brengen.

Zelfbedacht

Dat wil natuurlijk niet zeggen dat alle verkondiging over ‘tekenen der tijden’ correct is. Te goeder trouw wil niet zeggen ‘per definitie correct’. Als predikers de boodschap ‘de tijd is nabij’ brengen, zullen ze argumenten moeten aandragen waaruit dat blijkt. Die argumenten worden gebracht als ‘tekenen der tijden’. Maar we zagen hierboven dat die nog niet gezien worden, als we de woorden van de Here Jezus tenminste serieus nemen. Welke mogelijkheden staan hun dan ter beschikking?

1. Men heeft geen oog voor het gecombineerde karakter van tekenen.

2. Men spreekt over tekenen die als zodanig in de Bijbel niet te vinden zijn. 

3. Men neemt onderdelen van andermans preken kritiekloos over.

Ik sta nog even stil bij punt 2. Kort door de bocht genomen gaat het om zelfbedachte tekenen. Met zelfbedacht bedoel ik niet ‘uit de duim gezogen’, maar door redenering ‘gevonden tekenen’. Merkwaardigerwijs gaat het dan meestal over de komende heerschappij van de antichrist. De gedachtegang loopt als volgt. Openbaring 13 vertelt ons dat de antichrist een éénwereld-regering tot stand zal brengen, met één muntsoort. Hij zal de totale macht over de mensheid hebben en die controle uitoefenen door middel van een waterdicht registratie- en volgsysteem. Dat alles komt natuurlijk niet zomaar uit de lucht vallen. Het zal een lange voorbereidingstijd vergen. En dat is precies wat men vandaag de dag meent te zien. 

  1. Er wordt (door satan) gewerkt aan een éénwereldregering – de Verenigde Naties zijn een voorloper hiervan.
  2. Er wordt (door satan) gewerkt aan een ‘betalingssysteem voor iedereen’ – de euro is een voorloper.
  3. Met digitale hulpmiddelen komen overheden en big tech-bedrijven steeds meer te weten over de mensheid – Facebook, Google, overheidsinstellingen als de belastingdienst zijn voorlopers.
  4. Streepjescode en QR-code zijn middelen om snel informatie over te dragen, geschikt om door middel van tatoeage aan te brengen.
  5. Medische kennis zal (door satan) worden ingezet om de mensheid te manipuleren – de huidige inentingscampagne grijpt daarop vooruit.

Dit zijn zelfbedachte ‘tekenen der tijden’. Waarom?

1. We weten helemaal niet of satan door mensen ontwikkelde computertechnologie zal gebruiken. Dergelijke uitspraken zijn bijna profetieën in zichzelf! Bovendien, door zo te denken overschatten we wat de mens kan, en onderschatten we wat satan en zijn demonen kunnen.  

2. In de Bijbel wordt vaker gesproken over verzegelen. Zie Genesis 4:15; Ezechiël 9:4,6; Openbaring 7:2-3; 9:4; 14:1. Voor dat verzegelen is helemaal geen menselijke techniek nodig. Satan kan dat echt wel zonder ‘onze hulp’.

3. Vanaf Openbaring 6 lezen we over verschrikkelijke rampen die aarde totaal verwoesten. Er staat bijvoorbeeld ‘toen het Lam het zesde zegel opende, kwam er een grote aardbeving en elke berg en elk eiland werden van hun plaatsen gerukt’. Wat denkt u dat zal overblijven van al die datacentra, zendmasten, 5G-technologie en andere menselijke prestaties? Niets. Tegen zoveel geweld is geen enkele menselijke structuur bestand. Dus zelfs als satan het zou willen gebruiken, hij kan dat niet, want het is totaal vernietigd.

Nog weer anderen wijzen op ‘de verkondiging van het Evangelie tot aan de einden van de aarde’. Die is inmiddels dicht bij voltooiing, zegt men, nu het aantal Bijbelvertalingen steeds verder toeneemt. Ook de terugkeer van het Joodse volk naar Israël wordt als een teken van de tijd beschouwd.

Hoewel sommige van deze punten erg aannemelijk lijken, wordt geen van hen genoemd door de Here Jezus wanneer Hij spreekt over de gebeurtenissen voorafgaand aan Zijn wederkomst. 

En dan heb ik het nog niet eens over de opname van de gemeente, die zal plaatsvinden voordat de oordelen van God over deze wereld zullen komen! Voordat de echte tekenen openbaar worden!

Wanneer dan wel?

Heel Mattheus 24 gaat over de toekomst van Israël en is gericht aan Israël. De Gemeente heeft daar enkele plaats in. Waarom? Omdat we pas door Paulus kennis hebben mogen maken met het grote geheimenis van de Gemeente van Christus. Uiteraard mogen we Mattheus 24 lezen, maar toepassen op de Gemeente is uit den boze. Om Mattheus 24 beter te begrijpen kunnen we niet zonder een vergelijk met Openbaring.

Mattheus 24 naast Openbaring

Als we Mattheus 24 naast Openbaring proberen te leggen, rijst meteen de vraag waar in Openbaring we moeten beginnen. De Here Jezus geeft ons in Mattheus 24 een duidelijke aanwijzing. Hij spreekt over velerlei gebeurtenissen en rampspoeden, en sluit die opsomming af met vers 8.

Maar al die dingen zijn nog maar een begin van de weeën. (Mattheus 24:8)

Weeën ziet op ondraaglijke angst, met betrekking tot de rampen die aan de komst van de Messias voorafgaan. Welnu, deze rampen, deze weeën beginnen op het moment dat het Lam het eerste zegel verbreekt van de boekrol, die alleen Hij kon inzien.

En ik zag hoe het Lam het eerste van de zegels opende en ik hoorde een van de vier dieren met een stem als van een donderslag zeggen: Kom en zie! (Openbaring 6:1)

Het eerste zegel

Vanaf dit punt kan de rede van de Here Jezus uit Mattheus 24 naast Openbaring 6 en verder worden gelegd. Bedenk dat Hij die de rede in Mattheus 24 uitsprak, Dezelfde Persoon is als Hij die de zegels in Openbaring verbreekt! 

De opening van het eerste zegel markeert het begin van de laatste jaarweek. Vanaf dit moment zullen zeven jaren verstrijken, waarvan de laatste 3½ jaar de gevreesde grote verdrukking vormen. 

Israël

Openbaring 6 en verder vertelt ons hoe Gods oordeel over het ongelovige Israël en de rest van de mensheid zal zal verlopen. Dit zal niet eerder plaatsvinden dan na de opname.

25 Want ik wil niet, broeders, dat u deze verborgenheid onbekend is, opdat u niet wijs bent in eigen oog, dat er voor een deel over Israel verharding is gekomen, totdat de volheid van de volken is ingegaan;

26 en zo zal heel Israel behouden worden, zoals geschreven staat ’Uit Sion zal de Redder komen; Hij zal de goddeloosheden van Jakob afwenden. (Romeinen 11:25-26)

Het ‘totdat de volheid van de volken is ingegaan’ ziet op het tot geloof komen van de laatste christen, en de daarop volgende opname. Tot dat moment blijft de ‘verharding voor een deel over Israel’. Als de opname is geweest, neemt God de draad met Israël weer op en start de laatste jaarweek. Door oordelen en verdrukking heen ‘zal Hij de goddeloosheden van Jakob afwenden’.

De weeën en tekenen uit Mattheus 24 worden dan actueel. De Gemeente wordt opgenomen, zonder die ook maar door een teken is aangekondigd. Een groot verschil dus, ook hier, tussen Israël en de Gemeente.

 

Zie voor meer informatie onderstaande artikelen.

Rekenen met tekenen

We trappen er niet in (of toch wel?)

De Dag des Heren – meer dan alleen de antichrist

Angst

Pharma’kaia

De tekenen uit Mattheus 24 onder loep (1)

De tekenen uit Mattheus 24 onder loep (2)

De tekenen uit Mattheus 24 onder loep (3)

De tekenen uit Mattheus 24 onder loep (4)

De tekenen uit Mattheus 24 onder loep (5)

De tekenen uit Mattheus 24 onder loep (6)

De tekenen uit Mattheus 24 onder loep (7)