Het vaccin komt er aan

In de afgelopen maanden werden we geconfronteerd met voor- en tegenstanders van een vaccin tegen COVID-19. In dit artikel ga ik daar niet verder op in. De reden is simpel: mij ontbreekt elke deskundigheid op dit gebied. Dus ben ik ook niet in staat om argumenten voor of tegen te beoordelen. Voor mij persoonlijk komt het dan ook neer op vertrouwen. Vertrouwen op God die ons door de apostel Paulus laat weten hoe we de door Hem gegeven overheid moeten zien: als Gods dienares, ons ten goede (Romeinen 13:4).

Dit artikel gaat over de Bijbel. Regelmatig horen we dat deze pandemie een waarschuwing van God is, of zelfs een der eerste tekenen der tijden, of wat niet al. Helaas moeten we constateren dat deze beweringen eerder onrust veroorzaken dan dat het ons geloof versterkt. Op een van deze uitingen wil ik de aandacht vestigen. Het is een typisch gevalletje ‘de Bijbel laten buikspreken’, en moet daarom worden weerlegd.

Toverij

Het gaat om een vers uit Openbaring.

(…) Want uw kooplieden waren de groten der aarde, want door uw toverij zijn alle naties misleid. (Openbaring 18:23)

In de grondtekst staat voor toverij het woord pharma’keia. We herkennen daarin onmiddellijk afleidingen als farmacie en farmaceutische industrie. Het vervelende is nu dat men het voorstelt alsof dit vers ons daarmee een aanwijzing geeft dat de satan in de grote verdrukking medicijnen zal misbruiken om zijn doelstellingen te bereiken. Dat zou op zich best waar kunnen zijn. Maar de suggestie wordt gewekt dat een vaccin tegen COVID-19 wel eens het eerste voorbeeld van zo’n satanisch brouwsel zou kunnen zijn. En die koppeling is volkomen onterecht, sterker nog, die is misleidend.

Context

Openbaring 17 en 18 gaan over de grote hoer, en over Babylon, de aan God vijandige stad. Het gaat in beide hoofdstukken over dezelfde entiteit, ons gepresenteerd in twee metaforen. In Openbaring 17 leren we dat de belijdende christenheid zich ontpopt als aanjager van het wereldwijd aanbidden van de satan. Een valse godsdienst dus. De verleiding die van deze valse godsdienst uitgaat wordt getypeerd in twee begrippen: overspel en toverij.

Overspel wordt doorheen de hele Bijbel gebruikt om het nalopen van andere goden te karakteriseren. Israël wordt gezien als vrouw van God. Het dienen van afgoden is derhalve ‘geestelijk overspel’. De verleiding van de valse godsdienst zit volgens de Bijbel vooral in ‘toverij’, dat wil zeggen demonische magie, occultisme in de ruimste zin. God heeft Israël velen malen gewaarschuwd.

10 Onder u zal er niemand worden aangetroffen, die zijn zoon of zijn dochter door het vuur doet gaan, die waarzeggerij pleegt, geen wichelaar, uitlegger van voortekenen, of tovenaar (kashaph),

11 Geen bezweerder, niemand, die de geest van een dode of een waarzeggende geest ondervraagt of die de doden raadpleegt. (Deuteronomium 18:10-11)

Israël luisterde echter niet, hetgeen de Here Jezus ertoe bracht het volk boos en overspelig te noemen.

3 Maar, gij, nadert herwaarts, kinderen van een tovenares (anan), nakroost van echtbreker en overspeelster.

4 Over wie maakt gij u vrolijk, tegen wie spert gij de mond open, steekt gij de tong uit? Zijt gij geen kinderen der zonde, leugengebroed?

5 Gij, die in wellust ontbrandt bij de terebinten, onder elke groene boom; die de kinderen slacht in de dalen, in de rotsspleten; (Jesaja 57:3-5)

En door haar lichtvaardig gepleegde ontucht ontwijdde zij het land; ja, zij bedreef overspel met steen en met hout. (Jeremia 3:9)

Vanwege de vele hoererijen der hoer, uitnemend in bevalligheid, meesteres in toverkunsten (kesheph), volken verkopend door haar hoererijen, en geslachten door haar toverkunsten. (Nahum 3:4)

Een boos en overspelig geslacht verlangt een teken, en het zal geen teken worden gegeven dan het teken van Jona. En Hij verliet hen en ging weg. (Mattheus 16:4)

Waren de waarschuwingen eerst en vooral tot Israël gericht, in de grote verdrukking gaat het om de belijdende christenheid. De gemeente is opgenomen, valse belijders zijn achtergebleven. Deze ‘kerk’ zal een geweldige invloed hebben. Immers, ze blijkt in staat ‘de groten der aarde’ te verleiden.

Want uw kooplieden waren de groten der aarde, want door uw toverij zijn alle naties misleid. (Openbaring 18:23)

Die verleiding was succesvol vanwege haar ‘toverij’. Om haar invloed uit te oefenen heeft ze gebruikgemaakt van toverij, van occultisme. In Deuteronomium 18 (zie hierboven) lezen we wat we onder ‘toverij’ dienen te verstaan. Zaken die vandaag de dag wereldwijd onverkort worden gepraktiseerd. Drie Hebreeuwse woorden vallen daarbij op.

Kesheph – hekserij, tovenarij

Kashaph – het praktiseren van tovenarij

Anan – doen verschijnen, te voorschijn brengen, aan waarzeggerij doen, bezweren (meestal vertaald als tovenaar of tovenares).

Van het Hebreeuws naar het Grieks

Bij het schrijven van het Nieuwe Testament maakt de Heilige Geest geen gebruik van Hebreeuws, maar van Grieks. Als het om het gebruik van woorden en woordgroepen gaat die bekend zijn vanuit het Oude Testament, zal de Geest ongetwijfeld Griekse woorden genomen hebben die exact dezelfde betekenis hebben – immers, zegt de Here Jezus, de Schrift kan niet gebroken worden. Voor tovenarij wordt dus het Griekse pharma’keia gebruikt.

Het woord pharma’keia kent een aantal betekenissen die in nauwe relatie met elkaar staan.

1) het gebruik en toedienen van verdovende middelen (om in een trance te geraken, zodat men ontvankelijk wordt voor boodschappen van demonen);

2) vergiftiging;

3) tovenarij, magische kunsten, vaak gevonden in verband met dienst aan afgoden en daardoor aangemoedigd;

4) metaforisch: het bedrog en de verleidingen van afgodendienst.

Onder ‘haar toverijen’ moeten we haar listige (occulte) beleid verstaan – gericht op de verering van het beest (zie Openbaring 13). Dat pharma’keia in later eeuwen steeds meer de ons bekende betekenis kreeg, mag geen invloed hebben op de uitleg van het Nieuwe Testament. En het mag al helemaal niet dienen om eigen opvattingen op te leggen aan de Schrift.

Conclusie

Het gaat hier niet om medicijnen (in welke vorm dan ook), maar om door God verboden contacten met de occulte wereld.